Schriftelijke vragen en antwoorden 35 - 19 december 2025
-
Vraag nr. 734: Vragen over de stand van zaken en financiering van de recidivedatabank (DOT) en de recidivemonitor. Antwoord: De DOT-databank wordt gefinancierd door BELSPO en moet uiterlijk eind 2026/begin 2027 operationeel zijn. De ontwikkeling kende obstakels zoals het vinden van geschikte IT'ers en het in orde brengen van de strenge privacyregels. Versie 2.0 van de recidivemonitor wordt in 2026 verwacht, en dan zullen ook de eerste wetenschappelijke interpretaties en recidivecijfers breed gepubliceerd worden.
-
Vraag nr. 735: Vraag of er ongelijkheid bestaat tussen de volle en gewone adoptie (en de erfrechtelijke gevolgen daarvan), en of een meerderjarige deze adoptie alsnog kan laten omzetten. Antwoord: De minister stelt dat er geen sprake is van discriminatie, want het bestaan van beide vormen biedt precies de opties om in het belang van het specifieke kind te oordelen. Een omzetting van een gewone naar een volle adoptie is voor meerderjarigen niet toegestaan, aangezien de wetgeving op een volle adoptie primair gericht is op de belangen en de absolute bescherming van de minderjarige.
-
Vraag nr. 736: Vragen over de "humanitaire ramp" van de zwaar overbevolkte gevangenissen en welke specifieke noodmaatregelen men plant voor de verblevende geïnterneerden. Antwoord: De regering erkent de ernst van de crisis en bestudeert ingrepen om de overbevolking in te dammen, zoals collectieve genade, maar dat helpt slechts tijdelijk. Men pakt het probleem van de geïnterneerden structureel aan via de opgerichte taskforce, wetgevende wijzigingen, én er komen onder andere nieuwe forensisch psychiatrische centra (FPC's) om de patiënten effectief uit de gevangenissen te halen.
-
Vraag nr. 737: Vraag naar een stand van zaken over de concrete normtijden en beheersovereenkomsten met de rechtbanken om procedures te versnellen. Antwoord: Een verzelfstandiging en de overeenkomsten zitten momenteel in de pijplijn, gekoppeld aan het nog te vernieuwen tuchtrecht en allocatiemodel in 2026. Wat de werklastmeting van de rechters betreft, werd dit al in mei 2024 gekoppeld aan vastgelegde "nationale normtijden", waarop men vijfjaarlijks zal evalueren.
-
Vraag nr. 738: Vraag over de vergoedingen voor en het statuut van plaatsvervangende vrederechters. Antwoord: Deze rechters worden momenteel vergoed op basis van geleverde prestaties of een afgesproken percentage van het normale loon. In 2026 werken specifieke taskforces van Justitie (in kader van het Hefboomplan) aan de herwaardering van het statuut, al is het de hoofdbedoeling om het ambt van magistraat aantrekkelijker te maken zodat de inzet van plaatsvervangers een absolute uitzondering wordt.
-
Vraag nr. 739: Vraag om een overzicht van de "welzijnsonthalen" (voor juridische of psychologische steun aan de rechtzoekende) in rechtbanken. Antwoord: In meerdere gerechtsgebouwen lopen thans projecten, waaronder een recent gestart project met het CAW in Torhout, in Limburg ("Just Helps Limburg"), en ook West-Vlaanderen en Luik zetten hun eerste stappen in verkennende pilootprojecten.
-
Vraag nr. 740: Vragen over de verschillen in de statuten van leden van griffies/secretariaten tegenover die van gewone federale ambtenaren, onder meer rond fietsleasing. Antwoord: Het statuut inzake de weddenschalen is inmiddels vrijwel identiek getrokken met dat van de federale overheid. Het grote verschil dat overbleef was dat van de bevorderingsregels, maar dit wordt op 1 januari 2026 gelijkgesteld via de nieuwe wet op evaluatieregelingen (Symfonie). Voor de toepassing van fietsleasing wordt bekeken of dit bij Justitie kan ingevoerd worden.
-
Vragen nr. 741, 745, 746, 748, 761, 762 en 776: Vragen rond detailcijfers aangaande het welzijnsbudget en middelen voor justitiepersoneel, deskundigentekorten, aantal openstaande posities, bewindvoeringsdossiers, criminele statistieken van verdachten, misdrijven door asielzoekers en pepperspray-incidenten. Antwoord: Voor elk van deze vragen wees de minister erop dat de specifieke antwoorden rechtstreeks aan de vragenstellers gestuurd werden. Wegens de uiterst omvangrijke informatie zijn deze antwoorden niet mee in het verslag gepubliceerd.
-
Vraag nr. 742: Vraag naar de statistieken waarbij de Minister van Justitie gebruikmaakte van het zogenaamde "positief injunctierecht". Antwoord: Er is geen centraal overzicht beschikbaar omdat de gegevensbank van de procureurs-generaal dit type dossiers niet met een aparte code in de statistieken bundelt.
-
Vraag nr. 743: Vraag naar een overzicht van en de kostprijs van de opleidingen ter voorbereiding op het Nieuw Strafwetboek voor magistraten. Antwoord: Het Instituut voor gerechtelijke opleiding (IGO) organiseerde sinds 2024 al zo'n 25 sessies en nieuwe e-learningmodules voor 1.850 deelnemers, wat tot nu toe rond de 15.000 euro gekost heeft (exclusief onkosten voor externe platformen). In 2026 volgen extra specifieke praktijklessen.
-
Vraag nr. 744: Vraag over het plan om de buitensporig lange doorlooptijden in Belgische rechtszaken in te perken. Antwoord: Men boekt progressie door zwaar in te zetten op digitalisering, onder andere via de formele wetgeving rond zittingen via videoconferenties en het digitaal platform JustAct. Ook bemiddeling en minnelijke schikking worden voortaan wettelijk sterk aangespoord. Een expertengroep werkt tegen medio 2026 een nieuwe nota uit met bijkomende hervormingen.
-
Vraag nr. 747: Vraag naar de moeilijkheden en trage doorlooptijden in de aanwervingsprocedures van het gerechtspersoneel. Antwoord: Terwijl de Hoge Raad voor de Justitie onafhankelijk instaat voor magistraten, lopen de examens voor het ondersteunend personeel nu via 'werkenvoor.be'. Men tracht de procedures zoveel mogelijk te clusteren, zodat de werving thans gemiddeld slechts 52 dagen in beslag neemt. Liefst 20% van de invullingen was via interne bevordering en er is in 2026 een nieuw loopbaanbegeleidingsproject gepland.
-
Vraag nr. 749: Vraag over de misdaadaansturing vanuit de gevangenissen en het toezicht op binnengesmokkelde gsm-toestellen. Antwoord: Hoewel het zeer moeilijk in kaart te brengen is, onderzoekt de overheid volop technologische maatregelen. Er wordt structureel gezocht met metaaldetectors, specifieke sweepings, maar er zijn sinds 2026 ook budgetten uitgetrokken voor extra speurhonden, compacte stoorzenders (jammers) en detectiesystemen voor drones.
-
Vraag nr. 750: Vraag waarom de rechtspositie van geïnterneerden sinds 2005 onveranderd slechts "tijdelijk" van toepassing is gebleven. Antwoord: Die regeling blijft tijdelijk in het Wetboek omdat een definitief kader nog altijd niet afgerond was. De minister benadrukt intussen dat men met de minister van Volksgezondheid dat statuut uittekent en bovendien werkt men fors aan extra specifieke instellingen voor deze doelgroep, want "geïnterneerden horen niet thuis in een gevangenis".
-
Vraag nr. 751: Vragen rond het functioneren en de afwezigheid van een officiële raad van bestuur bij het Centraal Israëlitisch Consistorie van België (CICB). Antwoord: De overheid waarborgt de onafhankelijkheid en vrijheid van eredienst, en het CICB wordt louter aangestuurd via een bureau en een consistoriale vergadering. De overheid levert hiervoor geen structurele subsidies, met uitzondering van de loonkost van de vier administratieve medewerkers en 45 bedienaren, er is dan ook geen direct toezicht op de interne regels nodig.
-
Vraag nr. 752: Vraag over het verlies van de automatische en snelle toegang tot de Databank voor Akten van de Burgerlijke Stand (DABS) door de advocatuur. Antwoord: Om conform de wet op de gegevensbescherming te zijn, kunnen advocaten geen onbelemmerde toegang krijgen, aangezien het geen wettelijke overheidstaak voor hen is. Men bespreekt met FOD BOSA welk systeem op termijn kan worden ontwikkeld in een soort "digitale portefeuille", op voorwaarde dat de burger dan steeds zijn uitdrukkelijke toestemming (volmacht) geeft.
-
Vraag nr. 753: Vragen rond het bestrijden van massale online (illegale) advertenties van zogeheten malafide gok-apps via sociale media. Antwoord: De Kansspelcommissie stuurde tot november 2025 al 7.820 aanvragen uit naar onder meer de 'Meta-groep' (Facebook). Meta grijpt in na een officiële aanvraag, maar veel advertenties worden onmiddellijk teruggeplaatst. Tegenwoordig volgt de commissie ook illegale vormen van zogenaamde social casino games op de voet op.
-
Vraag nr. 754: Vragen over (het vermeend ontbreken van) structureel co-ouderschap en discriminatie op basis van geslacht in familierechtbanken. Antwoord: De actuele regelgeving, met het belang van het kind als ultieme afweging, vormt wettelijk noch vormelijk een basis van discriminatie ten opzichte van vaders in België. Op de aanbevelingen tegen ouderverstoting heeft men inmiddels ingezet via aangepaste informatiebrochures en de verplichte informatie over het spreekrecht ("hoorrecht") voor kinderen van alle leeftijden.
-
Vraag nr. 756: Vraag naar de resultaten van de opgezette "Blue Heart"-campagne die strijdt tegen mensenhandel en misbruik. Antwoord: Het project resulteerde in 2025 in een succesvolle deelname van 80 verschillende gemeenten die zo het probleem van misbruik symbolisch trachten aan te kaarten. Tegelijk worden opleidingen hieromtrent uitgebreid (bijvoorbeeld bij het luchtvaartpersoneel) en wordt de wetgeving en opvolging gemoderniseerd via een nieuw actieplan en richtlijnen.
-
Vraag nr. 766: Vragen of het dossier van de Bende van Nijvel nog steeds dreigt te verjaren en in hoeverre het nieuwe Strafwetboek dat tegenhoudt. Antwoord: In de wet van april 2024 is dit specifieke type terreur-geïnspireerde delicten (met als bedoeling de ontwrichting van de overheid) als onverjaarbaar bestempeld, waardoor de zaak rond de aanslag in Aalst formeel niet afgesloten hoeft te worden als de rechters deze criteria onderschrijven. Momenteel onderzoekt men de Franse piste nog, en het nieuwe Strafwetboek in 2026 tornt niet verder aan deze beslissing.
-
Vraag nr. 773: Vraag over DNA-onderzoek door buitenlandse laboratoria in oude moordzaken (waarbij de rol van de Amerikaanse FBI is gesuggereerd). Antwoord: De suggestie dat dit weefsel aan de FBI werd overgemaakt voor deze moord is foutief; de Britse staalafname faalde destijds en de rest van het weefsel is louter in een Belgisch lab onderzocht. In principe mogen magistraten een buitenlands staal/laboratorium aanvragen wanneer de techniek nog niet in België staat op punt, alsook via de internationale databank Prüm II.
-
Vraag nr. 775: Vraag waarom de procureur in Namen zijn protocollen over GAS-boetes voor parkeerovertredingen unilateraal afsloot. Antwoord: De procureur besliste dit inderdaad bij monde van een landelijke actie omtrent de pensioenhervorming binnen het beroep en om inkomsten te stremmen, maar die actie is sinds de stopzetting door het College van het openbaar ministerie voorbij en de samenwerking werd bijgevolg netjes hervat.
-
Vraag nr. 778: Vraag naar de statistieken van de straffen die worden uitgesproken bij de medische complicaties in de stijgende malafide cosmetische sector. Antwoord: Net zoals bij vele voorgaande detailvragen stelt de minister dat er hier in de statistieken geen filters staan op de specificiteit van "cosmetische producten". Wanneer botox- en fillerinjecties zonder medisch doel gegeven worden door niet-artsen of leiden tot complicaties (via illegale middelen), valt dit onder inbreuken zoals onopzettelijke slagen en verwondingen of inbreuken op de wet inzake geneeskunde en medicijnen en dit wordt wel actief gestraft.
-
Vraag nr. 780: Vragen rond het inperken en opzoeken van illegale verkopers en dodelijke bestellingen van (onder andere) slaapmedicatie en illegale varianten van het bekende "Ozempic" via social media platformen. Antwoord: Dit stijgend probleem van webshops met valse advertenties is onmogelijk in één specifieke strafcijfercode te vatten. Het bestrijden van sites buiten de EU is aartsmoeilijk en stoot op weinig bijval bij giganten als Meta Platforms omdat die zelf sterk afhangen van deze reclame-inkomsten. Naast waarschuwingen voor de gevaren aan de argeloze consument via het FAGG, werkt men op nationaal niveau met blokkeringssystemen (anti-phishing) om dit toch proactief tegen te gaan, evenals via controles door douane en Economische Inspectie ("Pharmawatch").
-
Vraag nr. 785: Vraag in hoeverre Turkije misbruik maakt van 'visumvrije' groene paspoorten voor imams. Antwoord: De minister van Justitie verwijst voor het luik van visumvrijstellingen direct door naar de minister van Buitenlandse zaken.
-
Vraag nr. 791: Vraag waarom en met welk plan de definitieve erkenning van de nieuwe Moslimraad van België net met één jaar is uitgesteld. Antwoord: Men vraagt aan de leden van de raad om dat extra jaar te gebruiken om hun transparantie en hun totale draagvlak binnen de moslimgemeenschappen te vergroten. In navolging daarvan kreeg men intussen wel nieuwe statuten, is er een nieuwe leiding aangetreden, tracht men toenadering te zoeken bij nog niet-erkende moskeeën, en dit uiteraard binnen het kader dat evenzeer voor álle andere Belgische religies geldt.
-
Vraag nr. 792: Vraag over de afdwinging van de controle op blanco uittreksels uit het strafregister voor alle ambtsbedienaren van erediensten die op de loonlijst van Justitie staan (in kader van de aanpak van zedenfeiten). Antwoord: Justitie heeft dit toegepast en zes personen werden effectief van de weddestaat gehaald wegens het niet voldoen aan deze blanco voorwaarde. Vanuit het katholieke representatief orgaan luidde het dat de voor hen ontslagen personen geen strafblad wegens zedenzaken met minderjarigen hadden (die personen waren voor die wet sowieso reeds op eigen houtje weggestuurd). Kleinere overtredingen, zoals in het verkeer, gelden uiteraard niet als drempel om een wedde af te keuren.
-
Vraag nr. 793: Vraag naar de schijnbare onwil en het povere aantal antiwitwas-meldingen komende vanuit de hoek van de advocatuur. Antwoord: De minister legt uit dat advocaten hierin vastzitten en afgeschermd worden via hun beroepsgeheim. Als een advocaat wegens specifieke belangen of door bewuste weet heeft van malversaties toch iets wil en moet aankaarten, mag die dit nooit rechtstreeks bij de bevoegde overheid melden. Hiervoor dient hij zich tot zijn stafhouder te richten; die kijkt op de achtergrond na of dit gegrond is, en daardoor worden ongewenst veel dossiers reeds in dat filterstadium geblokkeerd of tuchtrechtelijk opgelost.
-
Vraag nr. 794: Vraag naar de resultaten van het nieuwe geautomatiseerde controlesysteem op derdenrekeningen. Antwoord: Aangezien de invoering en de digitale integratie pas gestart is in 2025 en dus nog maar net (elf maanden) operationeel is, is het te vroeg om hier reeds concrete tuchtsancties of afgesloten witwasmeldingen aan over te houden.