woensdag 1 april 2026

Schriftelijke vragen en antwoorden Minister van Justitie - 35 - 19 december 2025

Schriftelijke vragen en antwoorden 35 - 19 december 2025


  • Vraag nr. 734: Vragen over de stand van zaken en financiering van de recidivedatabank (DOT) en de recidivemonitor. Antwoord: De DOT-databank wordt gefinancierd door BELSPO en moet uiterlijk eind 2026/begin 2027 operationeel zijn. De ontwikkeling kende obstakels zoals het vinden van geschikte IT'ers en het in orde brengen van de strenge privacyregels. Versie 2.0 van de recidivemonitor wordt in 2026 verwacht, en dan zullen ook de eerste wetenschappelijke interpretaties en recidivecijfers breed gepubliceerd worden.

  • Vraag nr. 735: Vraag of er ongelijkheid bestaat tussen de volle en gewone adoptie (en de erfrechtelijke gevolgen daarvan), en of een meerderjarige deze adoptie alsnog kan laten omzetten. Antwoord: De minister stelt dat er geen sprake is van discriminatie, want het bestaan van beide vormen biedt precies de opties om in het belang van het specifieke kind te oordelen. Een omzetting van een gewone naar een volle adoptie is voor meerderjarigen niet toegestaan, aangezien de wetgeving op een volle adoptie primair gericht is op de belangen en de absolute bescherming van de minderjarige.

  • Vraag nr. 736: Vragen over de "humanitaire ramp" van de zwaar overbevolkte gevangenissen en welke specifieke noodmaatregelen men plant voor de verblevende geïnterneerden. Antwoord: De regering erkent de ernst van de crisis en bestudeert ingrepen om de overbevolking in te dammen, zoals collectieve genade, maar dat helpt slechts tijdelijk. Men pakt het probleem van de geïnterneerden structureel aan via de opgerichte taskforce, wetgevende wijzigingen, én er komen onder andere nieuwe forensisch psychiatrische centra (FPC's) om de patiënten effectief uit de gevangenissen te halen.

  • Vraag nr. 737: Vraag naar een stand van zaken over de concrete normtijden en beheersovereenkomsten met de rechtbanken om procedures te versnellen. Antwoord: Een verzelfstandiging en de overeenkomsten zitten momenteel in de pijplijn, gekoppeld aan het nog te vernieuwen tuchtrecht en allocatiemodel in 2026. Wat de werklastmeting van de rechters betreft, werd dit al in mei 2024 gekoppeld aan vastgelegde "nationale normtijden", waarop men vijfjaarlijks zal evalueren.

  • Vraag nr. 738: Vraag over de vergoedingen voor en het statuut van plaatsvervangende vrederechters. Antwoord: Deze rechters worden momenteel vergoed op basis van geleverde prestaties of een afgesproken percentage van het normale loon. In 2026 werken specifieke taskforces van Justitie (in kader van het Hefboomplan) aan de herwaardering van het statuut, al is het de hoofdbedoeling om het ambt van magistraat aantrekkelijker te maken zodat de inzet van plaatsvervangers een absolute uitzondering wordt.

  • Vraag nr. 739: Vraag om een overzicht van de "welzijnsonthalen" (voor juridische of psychologische steun aan de rechtzoekende) in rechtbanken. Antwoord: In meerdere gerechtsgebouwen lopen thans projecten, waaronder een recent gestart project met het CAW in Torhout, in Limburg ("Just Helps Limburg"), en ook West-Vlaanderen en Luik zetten hun eerste stappen in verkennende pilootprojecten.

  • Vraag nr. 740: Vragen over de verschillen in de statuten van leden van griffies/secretariaten tegenover die van gewone federale ambtenaren, onder meer rond fietsleasing. Antwoord: Het statuut inzake de weddenschalen is inmiddels vrijwel identiek getrokken met dat van de federale overheid. Het grote verschil dat overbleef was dat van de bevorderingsregels, maar dit wordt op 1 januari 2026 gelijkgesteld via de nieuwe wet op evaluatieregelingen (Symfonie). Voor de toepassing van fietsleasing wordt bekeken of dit bij Justitie kan ingevoerd worden.

  • Vragen nr. 741, 745, 746, 748, 761, 762 en 776: Vragen rond detailcijfers aangaande het welzijnsbudget en middelen voor justitiepersoneel, deskundigentekorten, aantal openstaande posities, bewindvoeringsdossiers, criminele statistieken van verdachten, misdrijven door asielzoekers en pepperspray-incidenten. Antwoord: Voor elk van deze vragen wees de minister erop dat de specifieke antwoorden rechtstreeks aan de vragenstellers gestuurd werden. Wegens de uiterst omvangrijke informatie zijn deze antwoorden niet mee in het verslag gepubliceerd.

  • Vraag nr. 742: Vraag naar de statistieken waarbij de Minister van Justitie gebruikmaakte van het zogenaamde "positief injunctierecht". Antwoord: Er is geen centraal overzicht beschikbaar omdat de gegevensbank van de procureurs-generaal dit type dossiers niet met een aparte code in de statistieken bundelt.

  • Vraag nr. 743: Vraag naar een overzicht van en de kostprijs van de opleidingen ter voorbereiding op het Nieuw Strafwetboek voor magistraten. Antwoord: Het Instituut voor gerechtelijke opleiding (IGO) organiseerde sinds 2024 al zo'n 25 sessies en nieuwe e-learningmodules voor 1.850 deelnemers, wat tot nu toe rond de 15.000 euro gekost heeft (exclusief onkosten voor externe platformen). In 2026 volgen extra specifieke praktijklessen.

  • Vraag nr. 744: Vraag over het plan om de buitensporig lange doorlooptijden in Belgische rechtszaken in te perken. Antwoord: Men boekt progressie door zwaar in te zetten op digitalisering, onder andere via de formele wetgeving rond zittingen via videoconferenties en het digitaal platform JustAct. Ook bemiddeling en minnelijke schikking worden voortaan wettelijk sterk aangespoord. Een expertengroep werkt tegen medio 2026 een nieuwe nota uit met bijkomende hervormingen.

  • Vraag nr. 747: Vraag naar de moeilijkheden en trage doorlooptijden in de aanwervingsprocedures van het gerechtspersoneel. Antwoord: Terwijl de Hoge Raad voor de Justitie onafhankelijk instaat voor magistraten, lopen de examens voor het ondersteunend personeel nu via 'werkenvoor.be'. Men tracht de procedures zoveel mogelijk te clusteren, zodat de werving thans gemiddeld slechts 52 dagen in beslag neemt. Liefst 20% van de invullingen was via interne bevordering en er is in 2026 een nieuw loopbaanbegeleidingsproject gepland.

  • Vraag nr. 749: Vraag over de misdaadaansturing vanuit de gevangenissen en het toezicht op binnengesmokkelde gsm-toestellen. Antwoord: Hoewel het zeer moeilijk in kaart te brengen is, onderzoekt de overheid volop technologische maatregelen. Er wordt structureel gezocht met metaaldetectors, specifieke sweepings, maar er zijn sinds 2026 ook budgetten uitgetrokken voor extra speurhonden, compacte stoorzenders (jammers) en detectiesystemen voor drones.

  • Vraag nr. 750: Vraag waarom de rechtspositie van geïnterneerden sinds 2005 onveranderd slechts "tijdelijk" van toepassing is gebleven. Antwoord: Die regeling blijft tijdelijk in het Wetboek omdat een definitief kader nog altijd niet afgerond was. De minister benadrukt intussen dat men met de minister van Volksgezondheid dat statuut uittekent en bovendien werkt men fors aan extra specifieke instellingen voor deze doelgroep, want "geïnterneerden horen niet thuis in een gevangenis".

  • Vraag nr. 751: Vragen rond het functioneren en de afwezigheid van een officiële raad van bestuur bij het Centraal Israëlitisch Consistorie van België (CICB). Antwoord: De overheid waarborgt de onafhankelijkheid en vrijheid van eredienst, en het CICB wordt louter aangestuurd via een bureau en een consistoriale vergadering. De overheid levert hiervoor geen structurele subsidies, met uitzondering van de loonkost van de vier administratieve medewerkers en 45 bedienaren, er is dan ook geen direct toezicht op de interne regels nodig.

  • Vraag nr. 752: Vraag over het verlies van de automatische en snelle toegang tot de Databank voor Akten van de Burgerlijke Stand (DABS) door de advocatuur. Antwoord: Om conform de wet op de gegevensbescherming te zijn, kunnen advocaten geen onbelemmerde toegang krijgen, aangezien het geen wettelijke overheidstaak voor hen is. Men bespreekt met FOD BOSA welk systeem op termijn kan worden ontwikkeld in een soort "digitale portefeuille", op voorwaarde dat de burger dan steeds zijn uitdrukkelijke toestemming (volmacht) geeft.

  • Vraag nr. 753: Vragen rond het bestrijden van massale online (illegale) advertenties van zogeheten malafide gok-apps via sociale media. Antwoord: De Kansspelcommissie stuurde tot november 2025 al 7.820 aanvragen uit naar onder meer de 'Meta-groep' (Facebook). Meta grijpt in na een officiële aanvraag, maar veel advertenties worden onmiddellijk teruggeplaatst. Tegenwoordig volgt de commissie ook illegale vormen van zogenaamde social casino games op de voet op.

  • Vraag nr. 754: Vragen over (het vermeend ontbreken van) structureel co-ouderschap en discriminatie op basis van geslacht in familierechtbanken. Antwoord: De actuele regelgeving, met het belang van het kind als ultieme afweging, vormt wettelijk noch vormelijk een basis van discriminatie ten opzichte van vaders in België. Op de aanbevelingen tegen ouderverstoting heeft men inmiddels ingezet via aangepaste informatiebrochures en de verplichte informatie over het spreekrecht ("hoorrecht") voor kinderen van alle leeftijden.

  • Vraag nr. 756: Vraag naar de resultaten van de opgezette "Blue Heart"-campagne die strijdt tegen mensenhandel en misbruik. Antwoord: Het project resulteerde in 2025 in een succesvolle deelname van 80 verschillende gemeenten die zo het probleem van misbruik symbolisch trachten aan te kaarten. Tegelijk worden opleidingen hieromtrent uitgebreid (bijvoorbeeld bij het luchtvaartpersoneel) en wordt de wetgeving en opvolging gemoderniseerd via een nieuw actieplan en richtlijnen.

  • Vraag nr. 766: Vragen of het dossier van de Bende van Nijvel nog steeds dreigt te verjaren en in hoeverre het nieuwe Strafwetboek dat tegenhoudt. Antwoord: In de wet van april 2024 is dit specifieke type terreur-geïnspireerde delicten (met als bedoeling de ontwrichting van de overheid) als onverjaarbaar bestempeld, waardoor de zaak rond de aanslag in Aalst formeel niet afgesloten hoeft te worden als de rechters deze criteria onderschrijven. Momenteel onderzoekt men de Franse piste nog, en het nieuwe Strafwetboek in 2026 tornt niet verder aan deze beslissing.

  • Vraag nr. 773: Vraag over DNA-onderzoek door buitenlandse laboratoria in oude moordzaken (waarbij de rol van de Amerikaanse FBI is gesuggereerd). Antwoord: De suggestie dat dit weefsel aan de FBI werd overgemaakt voor deze moord is foutief; de Britse staalafname faalde destijds en de rest van het weefsel is louter in een Belgisch lab onderzocht. In principe mogen magistraten een buitenlands staal/laboratorium aanvragen wanneer de techniek nog niet in België staat op punt, alsook via de internationale databank Prüm II.

  • Vraag nr. 775: Vraag waarom de procureur in Namen zijn protocollen over GAS-boetes voor parkeerovertredingen unilateraal afsloot. Antwoord: De procureur besliste dit inderdaad bij monde van een landelijke actie omtrent de pensioenhervorming binnen het beroep en om inkomsten te stremmen, maar die actie is sinds de stopzetting door het College van het openbaar ministerie voorbij en de samenwerking werd bijgevolg netjes hervat.

  • Vraag nr. 778: Vraag naar de statistieken van de straffen die worden uitgesproken bij de medische complicaties in de stijgende malafide cosmetische sector. Antwoord: Net zoals bij vele voorgaande detailvragen stelt de minister dat er hier in de statistieken geen filters staan op de specificiteit van "cosmetische producten". Wanneer botox- en fillerinjecties zonder medisch doel gegeven worden door niet-artsen of leiden tot complicaties (via illegale middelen), valt dit onder inbreuken zoals onopzettelijke slagen en verwondingen of inbreuken op de wet inzake geneeskunde en medicijnen en dit wordt wel actief gestraft.

  • Vraag nr. 780: Vragen rond het inperken en opzoeken van illegale verkopers en dodelijke bestellingen van (onder andere) slaapmedicatie en illegale varianten van het bekende "Ozempic" via social media platformen. Antwoord: Dit stijgend probleem van webshops met valse advertenties is onmogelijk in één specifieke strafcijfercode te vatten. Het bestrijden van sites buiten de EU is aartsmoeilijk en stoot op weinig bijval bij giganten als Meta Platforms omdat die zelf sterk afhangen van deze reclame-inkomsten. Naast waarschuwingen voor de gevaren aan de argeloze consument via het FAGG, werkt men op nationaal niveau met blokkeringssystemen (anti-phishing) om dit toch proactief tegen te gaan, evenals via controles door douane en Economische Inspectie ("Pharmawatch").

  • Vraag nr. 785: Vraag in hoeverre Turkije misbruik maakt van 'visumvrije' groene paspoorten voor imams. Antwoord: De minister van Justitie verwijst voor het luik van visumvrijstellingen direct door naar de minister van Buitenlandse zaken.

  • Vraag nr. 791: Vraag waarom en met welk plan de definitieve erkenning van de nieuwe Moslimraad van België net met één jaar is uitgesteld. Antwoord: Men vraagt aan de leden van de raad om dat extra jaar te gebruiken om hun transparantie en hun totale draagvlak binnen de moslimgemeenschappen te vergroten. In navolging daarvan kreeg men intussen wel nieuwe statuten, is er een nieuwe leiding aangetreden, tracht men toenadering te zoeken bij nog niet-erkende moskeeën, en dit uiteraard binnen het kader dat evenzeer voor álle andere Belgische religies geldt.

  • Vraag nr. 792: Vraag over de afdwinging van de controle op blanco uittreksels uit het strafregister voor alle ambtsbedienaren van erediensten die op de loonlijst van Justitie staan (in kader van de aanpak van zedenfeiten). Antwoord: Justitie heeft dit toegepast en zes personen werden effectief van de weddestaat gehaald wegens het niet voldoen aan deze blanco voorwaarde. Vanuit het katholieke representatief orgaan luidde het dat de voor hen ontslagen personen geen strafblad wegens zedenzaken met minderjarigen hadden (die personen waren voor die wet sowieso reeds op eigen houtje weggestuurd). Kleinere overtredingen, zoals in het verkeer, gelden uiteraard niet als drempel om een wedde af te keuren.

  • Vraag nr. 793: Vraag naar de schijnbare onwil en het povere aantal antiwitwas-meldingen komende vanuit de hoek van de advocatuur. Antwoord: De minister legt uit dat advocaten hierin vastzitten en afgeschermd worden via hun beroepsgeheim. Als een advocaat wegens specifieke belangen of door bewuste weet heeft van malversaties toch iets wil en moet aankaarten, mag die dit nooit rechtstreeks bij de bevoegde overheid melden. Hiervoor dient hij zich tot zijn stafhouder te richten; die kijkt op de achtergrond na of dit gegrond is, en daardoor worden ongewenst veel dossiers reeds in dat filterstadium geblokkeerd of tuchtrechtelijk opgelost.

  • Vraag nr. 794: Vraag naar de resultaten van het nieuwe geautomatiseerde controlesysteem op derdenrekeningen. Antwoord: Aangezien de invoering en de digitale integratie pas gestart is in 2025 en dus nog maar net (elf maanden) operationeel is, is het te vroeg om hier reeds concrete tuchtsancties of afgesloten witwasmeldingen aan over te houden.

dinsdag 24 maart 2026

Onderzoekscommissie operatie Kelk

Bron

Dit is een overzichtelijke en vereenvoudigde samenvatting van de bevindingen en aanbevelingen van de parlementaire onderzoekscommissie naar "Operatie Kelk", het grote gerechtelijke onderzoek naar seksueel misbruik binnen de katholieke Kerk.

De kern van het probleem: Een juridische uitputtingsslag "Operatie Kelk" startte in 2010 en sleepte 14 jaar aan. In 2025 eindigde de zaak in een "buitenvervolgingstelling", wat betekent dat er geen rechtszaak ten gronde komt (vaak door verjaring of gebrek aan bewijs). De onderzoekscommissie stelt vast dat het onderzoek veranderde in een ongeziene chaos en een "juridische uitputtingsslag", waardoor de slachtoffers voor een tweede keer slachtoffer werden (secundaire victimisering). Dit kwam door een combinatie van politieke bemoeienis, interne ruzies bij Justitie, procedurele blunders en een gebrekkige organisatie.

donderdag 19 maart 2026

Schriftelijke vragen en antwoorden Minister van Justitie - 2 december 2025

Bron 


🔗 1. Gevangeniswezen & Detentie

  • Aanpak overbevolking: De verdere uitrol van kleinschalige detentiehuizen en de zoektocht naar internationale capaciteit voor illegale gedetineerden.
  • Zorg en internering: Betere opvang voor de bijna 1.000 geïnterneerden in gevangenissen, met plannen voor nieuwe gespecialiseerde psychiatrische centra en modulaire units.
  • Veiligheid & drugs: Harder optreden tegen drugssmokkel via gsm-jammers, anti-drone technologie en het isoleren van criminele netwerken.
  • Gevangenispersoneel: Een nieuw sociaal akkoord om het beroep aantrekkelijker te maken en de langverwachte invoering van een minimale dienstverlening bij stakingen.

🏛️ 2. Modernisering van Justitie & Infrastructuur

  • Gerechtelijke achterstand: Een gefaseerd actieplan om trage procedures en bottlenecks in rechtbanken structureel weg te werken.
  • Digitalisering: De overstap naar een nationaal platform voor een digitale griffie en de versterking van cyberveiligheid tegen hackers en cyberaanvallen.
  • Gebouwen: Rationalisering van rechtbanken en een verbeterde fysieke beveiliging via de verdubbeling van het aantal 'scanlanes'.

🚓 3. Politie & Georganiseerde Criminaliteit

  • Strijd tegen drugs: Extra en structurele middelen voor de Federale Gerechtelijke Politie (FGP) en een 'Clear-Hold-Build' strategie voor brandhaarden zoals Brussel.
  • Kerntaken: Een actueel debat over de herdefiniëring van de politietaken tussen het lokale en federale niveau.
  • Handhaving: Directe toegang tot databanken voor politie en douane om onbetaalde boetes onmiddellijk op het terrein te kunnen innen.

🤝 4. Slachtofferhulp & Toegankelijkheid

  • Klare Taal: Gerechtelijke communicatie, zoals uitnodigingen en vonnissen, begrijpelijker en empathischer maken voor de burger.
  • Infrastructuur voor slachtoffers: De inrichting van specifieke slachtofferruimtes en geïntegreerde welzijnsloketten in gerechtsgebouwen.
  • Terreurslachtoffers: De oprichting van een centraal garantiefonds met een 'enig loket' voor een snellere en vlottere schadeloosstelling.

⚖️ 5. Juridische Beroepen & Rechtsbijstand

  • Hervormingen: Een geplande evaluatie van de statuten en tarieven van notarissen en gerechtsdeurwaarders, en de modernisering van het tuchtrecht in de advocatuur.
  • Pro Deo: De aanpak van de logge controleprocedures en betalingsachterstanden bij pro-Deoadvocaten en externe dienstverleners zoals vertalers en deskundigen.

🌊 6. Noordzee & Internationaal

  • Diplomatie: Een sterke lobbycampagne om het secretariaat van het VN-vollezeeverdrag (BBNJ) naar Brussel te halen.
  • Milieu: Onderzoek en regelgeving rond de chemische emissies van offshore windparken in de Noordzee.

maandag 9 maart 2026

Wetsvoorstel houdende harmonisatie van de diverse wetgevingen die onder Binnenlandse Zaken vallen, met de boeken I en II van het Strafwetboek van 29 februari 2024.

Dit wetsvoorstel heeft als doel diverse wetten binnen het domein van Binnenlandse Zaken in overeenstemming te brengen met het nieuwe Strafwetboek van 29 februari 2024, dat op 8 april 2026 in werking treedt. Hieronder volgt een uitgebreid en artikelsgewijs overzicht van de voorgestelde wijzigingen.

HOOFDSTUK 1: Algemene bepaling

  • Artikel 1: Dit is een louter technisch artikel dat bevestigt dat de wet een aangelegenheid regelt zoals bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.

HOOFDSTUK 2: Veiligheid en preventie

Afdeling 1: Wijziging van de Nieuwe Gemeentewet

  • Artikel 2: Past artikel 119ter aan. Verwijzingen naar het beroepsgeheim en het casusoverleg worden geactualiseerd naar de overeenstemmende artikelen in het nieuwe Strafwetboek (o.a. art. 352 en 353, §2). Daarnaast wordt de lange lijst van misdrijven in de vijfde en zesde paragraaf (die bepalen wanneer informatie gedeeld mag worden) volledig hernummerd conform de nieuwe codificatie.

Afdeling 2: Wijziging van de Voetbalwet (21 december 1998)

  • Artikel 3: Wijzigt de straffen voor de illegale verkoop of aankoop van tickets (Art. 38). De gevangenisstraf wordt vervangen door een straf van niveau 2 en de maximale boete wordt vastgesteld op 4.000 euro.
  • Artikel 4: Haft artikel 39 op (poging tot misdrijf), omdat het nieuwe Strafwetboek de poging tot opzettelijke misdrijven voortaan systematisch strafbaar stelt.
  • Artikel 5: In artikel 40 wordt de term "bijzondere verbeurdverklaring" gewijzigd naar simpelweg "verbeurdverklaring" om de terminologie te harmoniseren.
  • Artikel 6: De strafmaat in artikel 41bis wordt aangepast naar een straf van niveau 2 (maximaal 8.000 euro boete).
  • Artikel 7: Haft artikel 42 op. Dit artikel herinnerde eraan dat de algemene regels van het Strafwetboek van toepassing zijn; aangezien artikel 77 van het nieuwe Strafwetboek dit nu van rechtswege bepaalt, is dit artikel overbodig.
  • Artikelen 8 & 9: Actualiseren de verwijzingen naar het beroepsgeheim in de artikelen 43 en 43bis naar artikel 352 van het nieuwe Strafwetboek.

Afdeling 3: Wijziging van de Camerawet (21 maart 2007)

  • Artikel 10: Past de geldboetes in artikel 13 aan. Omdat de "opdeciemen" (de coëfficiënt waarmee boetes worden verhoogd) worden afgeschaft en geïntegreerd in het nieuwe Strafwetboek, worden de basisbedragen in de wet vermenigvuldigd met 8 om op hetzelfde niveau te blijven.

Afdeling 4: Wijziging van de Wet Gemeenschapswachten (15 mei 2007)

  • Artikel 11: Wijzigt de integriteitsvoorwaarden. Kandidaten mogen niet veroordeeld zijn tot een straf van niveau 1 tot 8 (ter vervanging van de termen 'criminele' of 'correctionele' straf). De bestaande uitzonderingen voor verkeersovertredingen en onopzettelijke slagen en verwondingen bij een ongeval blijven behouden, maar de verwijzing wordt geactualiseerd naar artikel 218 van het nieuwe Strafwetboek.

Afdeling 5: Wijziging van de GAS-wet (24 juni 2013)

  • Artikel 12: Actualiseert de lijst van gemengde inbreuken (misdrijven waarvoor een gemeentelijke administratieve sanctie kan worden opgelegd):
    • Zware gemengde inbreuken: Omvatten nu o.a. slagen en verwondingen (art. 194 en 198), beledigingen (art. 244), zware gevallen van vandalisme (art. 516-517) en zegelverbreking (art. 666).
    • Lichte gemengde inbreuken: Omvatten o.a. diefstal (art. 463 e.v.), algemeen vandalisme (art. 515) en het verbergen van het gezicht (art. 423).
    • Gedepenaliseerde feiten: Zaken als nachtlawaai of het vernielen van omheiningen zijn in het nieuwe Strafwetboek gedepenaliseerd, maar gemeenten kunnen deze nu als zuiver administratieve inbreuk blijven bestraffen.
  • Artikel 13: Verwijdert het woord "autonome" bij de probatiestraf, conform de nieuwe terminologie.

Afdeling 6: Wijziging van de Wet Private Veiligheid (2 oktober 2017)

  • Artikelen 14 & 15: In de Franstalige versie wordt de term "délits" vervangen door "infractions", aangezien het nieuwe Strafwetboek geen onderscheid meer maakt tussen overtreding, wanbedrijf en misdaad.
  • Artikelen 16 & 17: De integriteitsvoorwaarden voor ondernemingen (rechtspersonen) en personeel (natuurlijke personen) worden aangepast naar de nieuwe strafschaal (niveau 1 tot 8).
  • Artikel 18: Actualiseert verwijzingen naar specifieke artikelen over o.a. informaticacriminaliteit.
  • Artikel 19: Past de overgangsmaatregel voor personeel dat al in dienst was op 10 november 2017 aan.
  • Artikel 20: Voegt artikel 275/1 in. Dit is cruciaal voor de overgang: het stelt oude correctionele en criminele straffen gelijk aan de nieuwe niveaus 1 tot 8, zodat oude veroordelingen hun uitsluitende effect behouden.

Afdeling 7: Wijziging van de Wet Private Opsporing (18 mei 2024)

  • Artikelen 21 & 22: Past de integriteitsvoorwaarden voor ondernemingen en natuurlijke personen aan naar de straffen van niveau 1 tot 8.
  • Artikel 23: Actualiseert de verwijzing naar de straf voor de schending van het beroepsgeheim naar artikel 352.
  • Artikel 24: Past de overgangsmaatregel voor privédetectives aan.
  • Artikel 25: Voegt artikel 179/1 in voor de gelijkstelling van oude straffen met de nieuwe strafniveaus.

HOOFDSTUK 3: Nationaal Crisiscentrum

Afdeling 1: Verwerking van passagiersgegevens (25 december 2016)

  • Artikel 26: Vervangt artikel 48. Het verbod op het onthullen van geheimen door personen die meewerken aan de wet wordt nu bestraft met een straf van niveau 2.
  • Artikel 27: Inbreuken op de wet zelf worden voortaan bestraft met een straf van niveau 1.

Afdeling 2: Wazigmaking nucleaire installaties (23 maart 2020)

  • Artikelen 28 & 29: De straffen voor het onrechtmatig maken of verspreiden van (lucht)foto's van nucleaire of kritieke inrichtingen worden aangepast naar een straf van niveau 2.

Afdeling 3: Epidemische noodsituatie (14 augustus 2021)

  • Artikel 30: Overtredingen van de maatregelen tijdens een epidemische noodsituatie worden voortaan bestraft met een straf van niveau 1.

HOOFDSTUK 4: Slot- en overgangsbepalingen

  • Artikel 31: Voorziet in een overgangsregeling voor lopende GAS-procedures. Feiten die zijn gepleegd vóór de inwerkingtreding van deze wet, worden afgehandeld volgens de regels die op dat moment van toepassing waren. Dit voorkomt verwarring bij gedepenaliseerde feiten zoals nachtlawaai.
  • Artikel 32: Bepaalt dat deze wet in werking treedt op dezelfde dag als het nieuwe Strafwetboek (8 april 2026).

donderdag 5 maart 2026

Tuchregime gevangenen België - 2026

Bron

I. Inleiding

Wat is het doel van deze regeling en de basiswet? De regeling streeft naar uniformiteit in het tuchtregime tussen de verschillende Belgische gevangenissen. Dit waarborgt dat inbreuken overal op een gepaste wijze worden gesanctioneerd.

II. Algemene bepalingen (artt. 122 – 127)

Wat zijn de belangrijkste uitgangspunten van het tuchtregime? Het regime is bedoeld om de orde en veiligheid te bewaren met eerbiediging van de waardigheid en het zelfrespect van de gedetineerde. Het beroep op de tuchtprocedure moet beperkt blijven tot situaties waarin dit absoluut noodzakelijk is voor de veiligheid en er geen andere middelen, zoals bemiddeling of excuses, meer mogelijk zijn.

Welke juridische regels beschermen de gedetineerde tegen willekeur? Een gedetineerde mag uitsluitend gestraft worden voor inbreuken en met sancties die specifiek in de basiswet staan omschreven. Daarnaast geldt dat men voor één specifieke tuchtrechtelijke inbreuk slechts eenmaal gestraft mag worden. Ook is het verboden om gedetineerden zelf te belasten met de handhaving van de tucht binnen de gevangenis.

Wie heeft de macht om een straf op te leggen? Uitsluitend de directeur is bevoegd om tuchtsancties op te leggen. Indien een inbreuk tegen een directeur zelf is gepleegd, moet deze zich onthouden en wordt de bevoegdheid uitgeoefend door het inrichtingshoofd of de regionale directeur om de onpartijdigheid te garanderen.

III. De tuchtrechtelijke inbreuken (artt. 128-131)

Welke categorieën inbreuken bestaan er? Inbreuken worden volgens hun ernst ingedeeld in twee verschillende categorieën.

Wat valt onder de zwaarste inbreuken (eerste categorie)? Dit omvat onder meer opzettelijke aantasting van de fysieke of psychische integriteit, diefstal, opzettelijke vernieling, ontsnapping en het bezit van drugs of verboden substanties. Ook collectieve acties die de veiligheid ernstig in gevaar brengen en het bezit van technologische middelen voor onregelmatige communicatie vallen hieronder.

Wat zijn voorbeelden van minder zware inbreuken (tweede categorie)? Hiertoe behoren het beledigen van personen, het niet naleven van het huishoudelijk reglement, het negeren van bevelen van het personeel en het veroorzaken van lawaaihinder. Ook het niet rein houden van de verblijfsruimte of de gemeenschappelijke lokalen wordt als een inbreuk van de tweede categorie beschouwd.

Worden een poging of hulp bij een inbreuk ook bestraft? Ja, zowel de poging tot het plegen van een inbreuk als het deelnemen aan een inbreuk worden op precies dezelfde manier bestraft als de inbreuk zelf.

IV. De tuchtsancties (artt. 132-142)

Wat zijn de algemene sancties die altijd kunnen worden opgelegd? De lichtste sancties zijn de berisping met inschrijving in het tuchtregister en de beperking van aankopen in de kantine voor maximaal 30 dagen. Toiletartikelen en postzegels mogen bij een kantineverbod echter nooit ontzegd worden.

Wat houdt 'afzondering in de verblijfsruimte' in? De gedetineerde verblijft in zijn eigen, normaal uitgeruste cel en mag niet deelnemen aan gemeenschappelijke activiteiten, sport of wandelingen. Dit duurt maximaal 30 dagen voor zware inbreuken en 15 dagen voor lichtere inbreuken. Men behoudt wel het recht op bezoek van familie en minstens één uur buitenlucht per dag.

Wanneer wordt iemand in een strafcel (cachot) geplaatst? Dit is de zwaarste sanctie waarbij de gedetineerde in een speciaal uitgeruste cel verblijft voor maximaal 9 dagen (14 bij gijzeling) voor zware feiten, of 3 dagen voor lichte feiten. Zwangere vrouwen of moeders met jonge kinderen zijn hiervan uitgesloten, en een directeur en arts moeten de gedetineerde dagelijks bezoeken.

Wat zijn 'spiegelende' of bijzondere sancties? Dit zijn sancties die direct verband houden met de aard van de fout, zoals de ontzegging van het recht op telefoon, bezoek of bibliotheek voor maximaal 30 dagen. Ook deelname aan gezamenlijk werk, sport of cultuur kan voor deze periode worden ontzegd.

V. De tuchtprocedure (artt. 143-144)

Hoe begint een tuchtzaak officieel? Zodra een personeelslid een vermoedelijke inbreuk vaststelt, stelt hij binnen twee dagen een nauwkeurig en objectief rapport op voor de directeur. Dit rapport heeft op dat moment nog geen invloed op de dagelijkse levensvoorwaarden van de gedetineerde.

Welke beslissing neemt de directeur na het ontvangen van het rapport? De directeur beslist uiterlijk binnen zeven dagen of er een tuchtprocedure wordt opgestart. Hij kan ook oordelen dat een procedure niet nodig is, bijvoorbeeld als een waarschuwing volstaat of als de feiten niet bewezen zijn.

Hoe verloopt de hoorzitting voor de gedetineerde? De gedetineerde wordt gehoord binnen zeven dagen na de melding en heeft het recht om zijn dossier in te kijken. Hij mag zich laten bijstaan door een advocaat en van het hele gesprek wordt een verslag gemaakt.

Wanneer en hoe wordt de definitieve beslissing genomen? De directeur moet uiterlijk binnen 24 uur na de hoorzitting een beslissing nemen. Deze beslissing moet schriftelijk worden gemotiveerd en rekening houden met de ernst van de feiten en eventuele verzachtende omstandigheden.

Kan een straf ook met uitstel worden gegeven? Ja, de directeur kan een sanctie met een proeftijd van maximaal drie maanden opleggen. De straf wordt dan pas uitgevoerd als de gedetineerde binnen die periode opnieuw een tuchtrechtelijke inbreuk pleegt.

VI. De voorlopige maatregel (art. 145)

Wat gebeurt er als er een direct gevaar is voor de veiligheid? Bij acute onveiligheid of collectieve acties kan de directeur onmiddellijk een voorlopige maatregel nemen, zoals tijdelijke opsluiting in een beveiligde cel. Dit is een ordemaatregel om de rust te herstellen; de duur ervan moet later worden afgetrokken van een eventuele tuchtsanctie.

VII - XII. Overige bepalingen

Hoe worden tuchtsancties officieel geregistreerd? Elke gevangenis houdt een algemeen register bij van alle sancties. Daarnaast heeft elke gedetineerde een individueel register in zijn dossier dat hem volgt als hij naar een andere gevangenis wordt overgeplaatst.

Welke extra rechten gelden voor geïnterneerden en bij taalproblemen? Geïnterneerden moeten tijdens de procedure altijd door een advocaat worden bijgestaan. Bij taalbarrières moet de gevangenis zorgen voor een tolk of vertaler zodat de gedetineerde de procedure en de stukken volledig begrijpt.

Wat houdt een geldige motivering van de beslissing precies in? De directeur mag geen standaardformuleringen gebruiken, maar moet concreet uitleggen welke feiten bewezen zijn verklaard. De motivering moet ook aantonen dat de straf in verhouding staat tot de ernst van de feiten.

 Zie ook toelichting door Orde van Vlaamse Balies


woensdag 4 maart 2026

Schriftelijke vragen en antwoorden 26 november 2025

Bron

Tekst met bladwijzers en inhoudstafel


Vraag 598: Belgische politici in dossiers van de Staatsveiligheid (VSSE)

  • Vraag: Hoeveel politici komen voor in VSSE-dossiers, wat zijn de criteria voor hun opname en bestaan er "gereserveerde dossiers" voor mandatarissen?
  • Antwoord: De VSSE hanteert een interne procedure waarbij de minister en het Comité I worden ingelicht als een politicus bewust of onbewust bijdraagt aan een dreiging. Dossiers waarin zij slechts toevallig worden genoemd, worden niet gemeld. Er bestaan geen "gereserveerde dossiers" voor politici en er is geen toename van dergelijke dossiers vastgesteld.

Vraag 599: Vestiging van het BBNJ-secretariaat in Brussel

  • Vraag: Wat is de strategie en wat zijn de kosten van de Belgische campagne om het VN-secretariaat voor oceaanbescherming (BBNJ) naar Brussel te halen?
  • Antwoord: België profileert Brussel als een strategisch diplomatiek en wetenschappelijk knooppunt. De campagne kost jaarlijks tussen de €60.000 en €80.000. Een beslissing wordt uiterlijk in januari 2027 verwacht.

Vraag 600: Personeelstekort bij magistratuur en parketten

  • Vraag: Hoeveel vacatures zijn er voor magistraten en hoe reageert de minister op de noodkreet over de structurele onderfinanciering?
  • Antwoord: Er lopen momenteel 109 benoemingsprocedures voor magistraten en 361 voor gerechtspersoneel. Er is €21 miljoen vrijgemaakt voor extra personeel om de werkdruk te verlichten.

Vraag 601, 602, 613, 614, 615, 617, 619, 620 & 625

  • Onderwerpen: Voedseltekort in gevangenissen, religieuze voeding, digitalisering, tewerkstelling/opleiding gedetineerden, agressie tegen cipiers, minderjarigen in het drugscircuit, het BKOC en morele bijstand.
  • Vraag: Diverse gedetailleerde vragen over statistieken en operationele werking.
  • Antwoord: De antwoorden op deze vragen zijn rechtstreeks naar de vraagstellers gestuurd vanwege hun omvang en zijn niet opgenomen in het publieke bulletin.

Vraag 603: Religieuze voeding in Forensisch Psychiatrische Centra (FPC)

  • Vraag: Wat zijn de richtlijnen voor halal-voeding in FPC's?
  • Antwoord: De afdelingen in FPC Gent en Antwerpen hebben autonomie over maaltijden; patiënten kunnen in overleg maaltijden kiezen die passen bij hun geloofsovertuiging. Halal-voeding is beschikbaar.

Vraag 604: Religieuze voeding in detentiehuizen

  • Vraag: Wordt er halal-voeding aangeboden in detentiehuizen zoals Kortrijk?
  • Antwoord: Bewoners worden bij aankomst bevraagd over hun voorkeuren. Enkel detentiehuis Kortrijk biedt direct halal-gecertificeerde ingrediënten aan. Er wordt geen specifiek menu op basis van ritueel geslacht vlees standaard aangeboden, maar bewoners kunnen dit zelf aankopen en bereiden.

Vraag 605: Niet-uitvoering van Europese aanhoudingsbevelen (EAB)

  • Vraag: Hoe vaak weigeren andere EU-landen Belgische EAB's vanwege de staat van onze gevangenissen?
  • Antwoord: Tussen 2022 en 2025 is slechts één Belgisch EAB geweigerd door een Duitse rechtbank (juni 2025) op grond van de fundamentele rechten.

Vraag 606 & 610: Capaciteit parket Halle-Vilvoorde

  • Vraag: Hoe wordt de werklast in Halle-Vilvoorde aangepakt en komt er een eigen rechtbank?
  • Antwoord: Er zijn 21 magistraten effectief werkzaam op een wettelijk kader van 24; vacatures zijn uitgeschreven om dit aan te vullen. Het regeerakkoord voorziet niet in de oprichting van een aparte rechtbank.

Vraag 607: Gerechtigheid voor de Jezidi-gemeenschap

  • Vraag: Wat doet België om daders van de genocide op de Jezidi's te vervolgen?
  • Antwoord: België is actief in een internationaal onderzoeksteam (JIT). Onlangs werd een Belgische IS-strijder tot levenslang veroordeeld voor genocide; er lopen nog onderzoeken naar ongeveer 15 andere personen.

Vraag 608: Aantal zorgvolmachten

  • Vraag: Hoeveel zorgvolmachten worden er geregistreerd en waarom is er een groot verschil tussen de regio's?
  • Antwoord: In de eerste helft van 2025 waren er ruim 66.000 zorgvolmachten, waarvan 90% in Vlaanderen. Om misbruik te voorkomen, komt er vanaf september 2027 een nationaal register voor professionele bewindvoerders.

Vraag 609: Hulp bij onwettig verblijf (Vreemdelingenwet)

  • Vraag: Hoe wordt de uitzondering voor humanitaire hulp bij illegaal verblijf toegepast?
  • Antwoord: De minister van Justitie verwijst deze vraag door naar de minister van Asiel en Migratie, die hiervoor bevoegd is.

Vraag 611: Ontsnappingen en fouilleringen

  • Vraag: Worden gedetineerden systematisch gefouilleerd bij vrijlating en hoe evolueert het aantal ontsnappingen?
  • Antwoord: Er is geen systematische fouille bij vrijlating, enkel bij concrete aanwijzingen. In 2024 waren er 31 ontsnappingen uit alle inrichtingen samen.

Vraag 612: Tekort aan forensisch psychiaters

  • Vraag: Hoeveel forensisch psychiaters zijn er en wat wordt gedaan aan het tekort?
  • Antwoord: Er is een nieuwe rubriek "forensisch psychiater" in het deskundigenregister aangemaakt. 17 reeds erkende psychiaters zijn verzocht zich hierin te laten registreren.

Vraag 616 & 618: Begeleiding gedetineerden en ketenpartners

  • Vraag: Welke middelen gaan naar de begeleiding van gedetineerden en verslavingszorg?
  • Antwoord: De hulp- en dienstverlening aan gedetineerden valt onder de bevoegdheid van de gemeenschappen; de minister verwijst de vraagstellers naar hen door.

Vraag 621: Vredegerecht te Philippeville

  • Vraag: Gaan de bouwplannen voor het vredegerecht nog door nu de FOD Financiën daar vertrekt?
  • Antwoord: De impact van het vertrek van Financiën valt onder minister Vanessa Matz. De behoeften van Justitie voor een vredegerecht in Philippeville blijven echter ongewijzigd.

Vraag 622: Niet-naleving van het omgangsrecht

  • Vraag: Wat wordt er gedaan als ouders het omgangsrecht met hun kinderen niet respecteren?
  • Antwoord: De wet voorziet in dwangsommen en zelfs strafrechtelijke sancties, maar de focus ligt primair op bemiddeling en het belang van het kind.

Vraag 623: Cel Kunst en Antiek

  • Vraag: Wat is de capaciteit van de politiecel die kunstsmokkel bestrijdt?
  • Antwoord: De cel bestaat uit twee gespecialiseerde leden. Zij beheren de ARTIST-databank, die dagelijks wordt bijgewerkt.

Vraag 624: Sabotageacties 'Code Rood' in de Gentse haven

  • Vraag: Hoe staat het met de vervolging na de acties bij Cargill in maart 2025?
  • Antwoord: Er zijn 43 personen geïdentificeerd. Er loopt momenteel een gerechtelijk onderzoek bij een onderzoeksrechter in Gent; over lopende onderzoeken kan geen verdere informatie worden gegeven.

donderdag 26 februari 2026

Integraal verslag Commissie Justitie 26 februari 2026

 

Ingetraal verslag Commissie Justtite 26 februari 2026

Bron: https://www.dekamer.be/doc/CCRI/pdf/56/ic320.pdf

Bestand met bladwijzers en inhoudstafel: https://vlaamsemagistraten.allsync.com/s/eM9tFoYk9rjX5mi

Samenvatting door AI

Hieronder volgt een overzicht van de vragen die zijn behandeld tijdens de commissievergadering voor Justitie op 25 februari 2026, inclusief de inhoud van de vragen en de antwoorden van Minister Annelies Verlinden.

1. De Moslimbroederschap en Tareq Al-Suwaidan

  • Gesteld door: Koen Metsu (N-VA).
  • Inhoud: Metsu vraagt of België, in navolging van Frankrijk, zal pleiten voor de opname van de Moslimbroederschap op de EU-lijst van terroristische organisaties. Daarnaast stelt hij vragen over de Koeweitse leider Tareq Al-Suwaidan, wiens nationaliteit is ingetrokken en die eerder de toegang tot België werd geweigerd.
  • Antwoord Minister: De opname op de EU-lijst is nog niet behandeld in de bevoegde werkgroep; voor het Belgische standpunt verwijst zij naar de minister van Buitenlandse Zaken. Over Al-Suwaidan kan zij niet ingaan op individuele dossiers, maar zij benadrukt dat de diensten waakzaam blijven voor buitenlandse haatpropagandisten.

vrijdag 20 februari 2026

Learning Resources, Inc. v. Trump

 Bron

In deze rechtszaak (Learning Resources, Inc. v. Trump) heeft het Amerikaanse Hooggerechtshof bepaald dat de president niet de bevoegdheid heeft om importtarieven (invoerrechten) op te leggen op basis van de International Emergency Economic Powers Act (IEEPA).

Hier is een gedetailleerde, maar begrijpelijke uitleg van wat er precies is beslist en waarom:

De aanleiding van de zaak Kort na zijn aantreden riep president Trump de nationale noodtoestand uit om twee problemen aan te pakken: de smokkel van illegale drugs (vanuit Canada, Mexico en China) en grote handelstekorten met het buitenland. Om deze problemen op te lossen, gebruikte hij een wet genaamd IEEPA. Deze wet geeft de president in noodsituaties brede economische bevoegdheden. Op basis van deze wet legde de president forse importtarieven op aan verschillende landen, zoals een heffing van 25% op Canadese en Mexicaanse producten en tot wel 145% op Chinese producten. Amerikaanse bedrijven spanden een rechtszaak aan omdat ze vonden dat de president de wet hiervoor niet mocht gebruiken.

woensdag 18 februari 2026

Wetsontwerp tot wijziging van de wet van 5 maart 1952 betreffende de opdécimes op de strafrechtelijke geldboeten, van het Sociaal Strafwetboek en van verscheidene bepalingen van het sociaal strafrecht.

Bron

De bespreking is ingedeeld per hoofdstuk zoals in het ontwerp.

HOOFDSTUK 1: Algemene bepaling

Artikel 1 Dit is een standaardbepaling die aangeeft dat de wet een aangelegenheid regelt als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet (federale bevoegdheid).


HOOFDSTUK 2: De opdeciemen (geldboetes)

Dit hoofdstuk is complex omdat het een brug slaat tussen het oude systeem van geldboetes en het nieuwe Strafwetboek.

Artikel 2 Dit artikel wijzigt de wet van 5 maart 1952 betreffende de opdeciemen (de toeslagen op boetes).

  • Context: In het nieuwe Strafwetboek zijn de basisbedragen van boetes al verhoogd (vermenigvuldigd met 8) om de "teller van de opdeciemen op nul te zetten". Echter, een andere wet (van 19 december 2025) heeft de opdeciemen in het oude systeem verhoogd naar 90 (coëfficiënt 10).
  • De nieuwe regel: Om te zorgen dat de boetes onder het nieuwe Strafwetboek klppen met de recente verhogingen, worden boetes onder het nieuwe wetboek verhoogd met 2,5 opdeciemen. Dit lijkt klein, maar komt bovenop de reeds verhoogde basisbedragen in het nieuwe wetboek.
  • Overgangsregeling: Voor feiten die dateren van vóór de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek, blijft het oude systeem gelden (oude basisbedragen + 90 opdeciemen), tenzij de feiten nog ouder zijn (van voor de wet van 19 december 2025), dan geldt 70 opdeciemen.
  • Terminologie: De term "bijzondere wet" wordt vervangen door "wetten en reglementen" om aan te sluiten bij de terminologie van het nieuwe Strafwetboek.

Advies Raad van State - hervorming B.T.W.

Bron

Hier is een uitvoerige en eenvoudige bespreking van het advies van de Raad van State (nr. 78.759/3) van 5 februari 2026 over de geplande BTW-hervormingen.

Bron

Waarover gaat het?

De regering wil de BTW-tarieven moderniseren in het kader van een begrotingsakkoord. Het doel is enerzijds extra inkomsten (begroting) en anderzijds een verschuiving van lasten op arbeid naar lasten op consumptie.

Concreet liggen er vijf grote maatregelen op tafel in dit ontwerp van Koninklijk Besluit:

  1. Pesticiden: BTW omhoog van 12% naar 21%.
  2. Logies (hotels/campings): BTW omhoog van 6% naar 12%.
  3. Afhaalmaaltijden en bepaalde voeding: BTW omhoog van 6% naar 12%.
  4. Niet-alcoholische dranken op restaurant: BTW omlaag van 21% naar 12%.
  5. Cultuur en vermaak: Opsplitsing waarbij sommige tickets van 6% naar 12% gaan.

De Raad van State is zeer kritisch over verschillende onderdelen. Hieronder bespreken we de knelpunten per onderwerp, inclusief de voorbeelden uit de tekst.