donderdag 5 maart 2026

Tuchregime gevangenen België - 2026

Bron

I. Inleiding

Wat is het doel van deze regeling en de basiswet? De regeling streeft naar uniformiteit in het tuchtregime tussen de verschillende Belgische gevangenissen. Dit waarborgt dat inbreuken overal op een gepaste wijze worden gesanctioneerd.

II. Algemene bepalingen (artt. 122 – 127)

Wat zijn de belangrijkste uitgangspunten van het tuchtregime? Het regime is bedoeld om de orde en veiligheid te bewaren met eerbiediging van de waardigheid en het zelfrespect van de gedetineerde. Het beroep op de tuchtprocedure moet beperkt blijven tot situaties waarin dit absoluut noodzakelijk is voor de veiligheid en er geen andere middelen, zoals bemiddeling of excuses, meer mogelijk zijn.

Welke juridische regels beschermen de gedetineerde tegen willekeur? Een gedetineerde mag uitsluitend gestraft worden voor inbreuken en met sancties die specifiek in de basiswet staan omschreven. Daarnaast geldt dat men voor één specifieke tuchtrechtelijke inbreuk slechts eenmaal gestraft mag worden. Ook is het verboden om gedetineerden zelf te belasten met de handhaving van de tucht binnen de gevangenis.

Wie heeft de macht om een straf op te leggen? Uitsluitend de directeur is bevoegd om tuchtsancties op te leggen. Indien een inbreuk tegen een directeur zelf is gepleegd, moet deze zich onthouden en wordt de bevoegdheid uitgeoefend door het inrichtingshoofd of de regionale directeur om de onpartijdigheid te garanderen.

III. De tuchtrechtelijke inbreuken (artt. 128-131)

Welke categorieën inbreuken bestaan er? Inbreuken worden volgens hun ernst ingedeeld in twee verschillende categorieën.

Wat valt onder de zwaarste inbreuken (eerste categorie)? Dit omvat onder meer opzettelijke aantasting van de fysieke of psychische integriteit, diefstal, opzettelijke vernieling, ontsnapping en het bezit van drugs of verboden substanties. Ook collectieve acties die de veiligheid ernstig in gevaar brengen en het bezit van technologische middelen voor onregelmatige communicatie vallen hieronder.

Wat zijn voorbeelden van minder zware inbreuken (tweede categorie)? Hiertoe behoren het beledigen van personen, het niet naleven van het huishoudelijk reglement, het negeren van bevelen van het personeel en het veroorzaken van lawaaihinder. Ook het niet rein houden van de verblijfsruimte of de gemeenschappelijke lokalen wordt als een inbreuk van de tweede categorie beschouwd.

Worden een poging of hulp bij een inbreuk ook bestraft? Ja, zowel de poging tot het plegen van een inbreuk als het deelnemen aan een inbreuk worden op precies dezelfde manier bestraft als de inbreuk zelf.

IV. De tuchtsancties (artt. 132-142)

Wat zijn de algemene sancties die altijd kunnen worden opgelegd? De lichtste sancties zijn de berisping met inschrijving in het tuchtregister en de beperking van aankopen in de kantine voor maximaal 30 dagen. Toiletartikelen en postzegels mogen bij een kantineverbod echter nooit ontzegd worden.

Wat houdt 'afzondering in de verblijfsruimte' in? De gedetineerde verblijft in zijn eigen, normaal uitgeruste cel en mag niet deelnemen aan gemeenschappelijke activiteiten, sport of wandelingen. Dit duurt maximaal 30 dagen voor zware inbreuken en 15 dagen voor lichtere inbreuken. Men behoudt wel het recht op bezoek van familie en minstens één uur buitenlucht per dag.

Wanneer wordt iemand in een strafcel (cachot) geplaatst? Dit is de zwaarste sanctie waarbij de gedetineerde in een speciaal uitgeruste cel verblijft voor maximaal 9 dagen (14 bij gijzeling) voor zware feiten, of 3 dagen voor lichte feiten. Zwangere vrouwen of moeders met jonge kinderen zijn hiervan uitgesloten, en een directeur en arts moeten de gedetineerde dagelijks bezoeken.

Wat zijn 'spiegelende' of bijzondere sancties? Dit zijn sancties die direct verband houden met de aard van de fout, zoals de ontzegging van het recht op telefoon, bezoek of bibliotheek voor maximaal 30 dagen. Ook deelname aan gezamenlijk werk, sport of cultuur kan voor deze periode worden ontzegd.

V. De tuchtprocedure (artt. 143-144)

Hoe begint een tuchtzaak officieel? Zodra een personeelslid een vermoedelijke inbreuk vaststelt, stelt hij binnen twee dagen een nauwkeurig en objectief rapport op voor de directeur. Dit rapport heeft op dat moment nog geen invloed op de dagelijkse levensvoorwaarden van de gedetineerde.

Welke beslissing neemt de directeur na het ontvangen van het rapport? De directeur beslist uiterlijk binnen zeven dagen of er een tuchtprocedure wordt opgestart. Hij kan ook oordelen dat een procedure niet nodig is, bijvoorbeeld als een waarschuwing volstaat of als de feiten niet bewezen zijn.

Hoe verloopt de hoorzitting voor de gedetineerde? De gedetineerde wordt gehoord binnen zeven dagen na de melding en heeft het recht om zijn dossier in te kijken. Hij mag zich laten bijstaan door een advocaat en van het hele gesprek wordt een verslag gemaakt.

Wanneer en hoe wordt de definitieve beslissing genomen? De directeur moet uiterlijk binnen 24 uur na de hoorzitting een beslissing nemen. Deze beslissing moet schriftelijk worden gemotiveerd en rekening houden met de ernst van de feiten en eventuele verzachtende omstandigheden.

Kan een straf ook met uitstel worden gegeven? Ja, de directeur kan een sanctie met een proeftijd van maximaal drie maanden opleggen. De straf wordt dan pas uitgevoerd als de gedetineerde binnen die periode opnieuw een tuchtrechtelijke inbreuk pleegt.

VI. De voorlopige maatregel (art. 145)

Wat gebeurt er als er een direct gevaar is voor de veiligheid? Bij acute onveiligheid of collectieve acties kan de directeur onmiddellijk een voorlopige maatregel nemen, zoals tijdelijke opsluiting in een beveiligde cel. Dit is een ordemaatregel om de rust te herstellen; de duur ervan moet later worden afgetrokken van een eventuele tuchtsanctie.

VII - XII. Overige bepalingen

Hoe worden tuchtsancties officieel geregistreerd? Elke gevangenis houdt een algemeen register bij van alle sancties. Daarnaast heeft elke gedetineerde een individueel register in zijn dossier dat hem volgt als hij naar een andere gevangenis wordt overgeplaatst.

Welke extra rechten gelden voor geïnterneerden en bij taalproblemen? Geïnterneerden moeten tijdens de procedure altijd door een advocaat worden bijgestaan. Bij taalbarrières moet de gevangenis zorgen voor een tolk of vertaler zodat de gedetineerde de procedure en de stukken volledig begrijpt.

Wat houdt een geldige motivering van de beslissing precies in? De directeur mag geen standaardformuleringen gebruiken, maar moet concreet uitleggen welke feiten bewezen zijn verklaard. De motivering moet ook aantonen dat de straf in verhouding staat tot de ernst van de feiten.

 Zie ook toelichting door Orde van Vlaamse Balies