De bespreking is ingedeeld per hoofdstuk zoals in het ontwerp.
HOOFDSTUK 1: Algemene bepaling
Artikel 1 Dit is een standaardbepaling die aangeeft dat de wet een aangelegenheid regelt als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet (federale bevoegdheid).
HOOFDSTUK 2: De opdeciemen (geldboetes)
Dit hoofdstuk is complex omdat het een brug slaat tussen het oude systeem van geldboetes en het nieuwe Strafwetboek.
Artikel 2 Dit artikel wijzigt de wet van 5 maart 1952 betreffende de opdeciemen (de toeslagen op boetes).
- Context: In het nieuwe Strafwetboek zijn de basisbedragen van boetes al verhoogd (vermenigvuldigd met 8) om de "teller van de opdeciemen op nul te zetten". Echter, een andere wet (van 19 december 2025) heeft de opdeciemen in het oude systeem verhoogd naar 90 (coëfficiënt 10).
- De nieuwe regel: Om te zorgen dat de boetes onder het nieuwe Strafwetboek klppen met de recente verhogingen, worden boetes onder het nieuwe wetboek verhoogd met 2,5 opdeciemen. Dit lijkt klein, maar komt bovenop de reeds verhoogde basisbedragen in het nieuwe wetboek.
- Overgangsregeling: Voor feiten die dateren van vóór de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek, blijft het oude systeem gelden (oude basisbedragen + 90 opdeciemen), tenzij de feiten nog ouder zijn (van voor de wet van 19 december 2025), dan geldt 70 opdeciemen.
- Terminologie: De term "bijzondere wet" wordt vervangen door "wetten en reglementen" om aan te sluiten bij de terminologie van het nieuwe Strafwetboek.
HOOFDSTUK 3: Welzijn van werknemers
Artikel 3 Dit artikel wijzigt de wet van 4 augustus 1996. Het is een technische aanpassing: de verwijzing naar artikel 458 van het oude Strafwetboek (beroepsgeheim) wordt vervangen door artikel 352 van het nieuwe Strafwetboek. De inhoud blijft hetzelfde.
HOOFDSTUK 4: Europese Vennootschap
Artikel 4 Dit artikel heft artikel 13 van de wet van 10 augustus 2005 op.
- Reden: Dit artikel stelde schending van het beroepsgeheim strafbaar. Dit was dubbelop, want artikel 192 van het Sociaal Strafwetboek bestraft dit feit ook al. Het schrappen van dit artikel voorkomt verwarring en dubbele bestraffing. Dit was een vergetelheid bij eerdere wetswijzigingen.
HOOFDSTUK 5: Bepalingen sociaal strafrecht (2010)
Artikel 5 Dit artikel wijzigt de wet van 2 juni 2010.
- Inhoud: Het zorgt ervoor dat men ook beroep kan aantekenen bij de arbeidsrechtbank tegen maatregelen genomen op basis van het nieuwe artikel 49/4 van het Sociaal Strafwetboek (kennisgeving van identificatiegegevens). Dit was vergeten bij de invoering van artikel 49/4.
HOOFDSTUK 6: Wijzigingen van het Sociaal Strafwetboek
Dit is het kernstuk van het wetsontwerp. De wijzigingen moderniseren terminologie en strafmaten.
Terminologische aanpassingen & Definities
- Artikel 6, 14, 15, 16, 17, 19, 32, 35: Het nieuwe Strafwetboek schaft het onderscheid tussen "mededader" en "medeplichtige" af. In al deze artikelen worden de termen vervangen door "dader" of "deelnemer".
- Artikel 8: In de Franse tekst wordt "en flagrant délit" vervangen door "en flagrance" (op heterdaad).
- Artikel 7: Geeft artikel 12 van het wetboek weer een opschrift ("Het informatieplatform sociale fraude"), dat was weggevallen.
- Artikel 9, 10, 11, 12, 14, 20, 28, 53, 55, 61: Deze artikelen passen verwijzingen naar artikelnummers van het oude Strafwetboek aan naar de nummering van het nieuwe Strafwetboek (bv. beroepsgeheim art. 458 wordt art. 352; verbeurdverklaring art. 42 wordt art. 53).
Procedurele wijzigingen
- Artikel 13: Vereenvoudigt de tekst over het doorsturen van dossiers door het openbaar ministerie aan de administratie. De verwijzing naar "gerechtelijk onderzoek" wordt geschrapt op advies van de Raad van State, omdat dit juridisch niet correct was in deze context.
- Artikel 15 (Verjaring): De verjaringstermijn voor administratieve geldboetes wordt verlengd van 5 naar 10 jaar. Dit is nodig omdat de verjaringstermijn voor wanbedrijven in het strafrecht ook naar 10 jaar is gegaan (wet van 9 april 2024). Dit herstelt de balans tussen strafrechtelijke en administratieve vervolging.
Straffen en Sanctieniveaus (Cruciaal)
- Artikel 21: Dit artikel herschrijft artikel 101 met de sanctieniveaus.
- Het Sociaal Strafwetboek behoudt zijn eigen systeem van 4 niveaus (in tegenstelling tot de 8 niveaus van het gewone Strafwetboek).
- De bedragen van de geldboetes worden vermenigvuldigd met 8 (om de oude opdeciemen in de basisprijs te integreren).
- Nieuwe straffen: Alternatieve straffen uit het nieuwe Strafwetboek worden toegevoegd, zoals de werkstraf, probatiestraf, straf onder elektronisch toezicht en de geldstraf op basis van het voordeel.
- Artikel 22: Past de boetes voor rechtspersonen aan (vermenigvuldiging met 8) in artikel 101/1.
- Artikel 23: Voegt artikel 101/2 toe. Dit regelt de vervangende straffen (boete of gevangenis) als iemand zijn werkstraf of probatiestraf niet uitvoert.
- Artikel 24: Voegt artikel 101/3 toe. Dit is de concordantieregel. Het bepaalt hoe de niveaus van het Sociaal Strafwetboek zich verhouden tot het nieuwe Strafwetboek:
- Sociaal niveau 2 & 3 = Strafwetboek niveau 1.
- Sociaal niveau 4 = Strafwetboek niveau 3.
Bijzondere straffen (Exploitatieverbod & Sluiting)
- Artikel 25 & 26: Wijzigen artikelen 106 en 107 (exploitatieverbod, beroepsverbod, bedrijfssluiting).
- Ze worden expliciet "in afwijking van" het nieuwe Strafwetboek gesteld.
- De regels voor de start en duur van deze straffen worden gelijkgetrokken met het nieuwe Strafwetboek (bv. aftrek van tijd onder elektronisch toezicht).
- Het vereiste van "opzet" wordt toegevoegd bij de strafbaarstelling van het negeren van zo'n verbod.
- Artikel 58 (Oplichting): Voegt aan artikel 235 (sociale oplichting) toe dat de rechter ook hier een exploitatieverbod of bedrijfssluiting kan opleggen. Dit was per ongeluk weggelaten in een vorige wet. Ook wordt hier de beperking toegevoegd dat dit enkel kan als de dader de werkgever/aangestelde is.
Moreel Bestanddeel (Opzet)
- Artikel 31, 33, 34, 37, 40, 42, 43, 46, 48, 49, 50, 51, 52, 53, 54, 56, 57, 59: Het nieuwe Strafwetboek vereist duidelijkheid over het "moreel bestanddeel" (de intentie). De oude termen "wetens en willens" worden in het hele wetboek vervangen door "opzettelijk" (bijv. in art. 110/1, 115/1, etc.).
Specifieke Misdrijven & Correcties
- Artikel 30 (Verzachtende omstandigheden): Past artikel 110 aan. Omdat politiestraffen niet meer bestaan, wordt een absolute ondergrens voor boetes (€1) en gevangenisstraffen (1 maand) ingevoerd bij verzachtende omstandigheden.
- Artikel 36 & 60: Corrigeren ontbrekende woorden in de Nederlandse en Franse tekst van de aanwezigheidsregistratie (Checkinatwork) in de programmawet van 2022 en het bijbehorende strafartikel.
- Artikel 38 (Loon/Sociale dumping): Corrigeert artikel 162. Een foute verwijzing naar art. 233 (sociale fraude) wordt vervangen door art. 223 (niet-betaling bijdragen). Ook wordt toegevoegd dat de rechter bij ernstige looninbreuken (sociale dumping) een exploitatieverbod kan opleggen.
- Artikel 41: Doet hetzelfde voor artikel 177 (terbeschikkingstelling): voegt de mogelijkheid tot exploitatieverbod toe en corrigeert foute verwijzingen.
- Artikel 45 (Zwartwerk & Mensenhandel): Voegt aan artikel 183/1 toe dat slachtoffers van mensenhandel niet bestraft worden voor zwartwerk als dit een direct gevolg is van hun uitbuiting. Dit beschermt de slachtoffers.
- Artikel 47, 48, 49 (Onderaanneming): Voor diverse inbreuken rond onderaanneming en ernstige sociale fraude (art. 184/1/2 e.v.) wordt toegevoegd dat de rechter een exploitatieverbod of bedrijfssluiting kan opleggen. Dit was vergeten in de wet van 15 mei 2024.
HOOFDSTUK 7: Programmawet 2022
Artikel 60 Zie de bespreking bij artikel 36. Het betreft een taalkundige correctie in de wetgeving rond aanwezigheidsregistratie.
HOOFDSTUK 8: Sekswerk
Artikel 61, 62, 63 Deze artikelen wijzigen de wet van 3 mei 2024 over sekswerk.
- Inhoud: De verwijzingen naar het oude Strafwetboek (pooierschap, mensenhandel, etc.) worden vervangen door de correcte artikelnummers uit het nieuwe Strafwetboek (bv. art. 433quater wordt art. 265). Ook de terminologie ("mededader" wordt "deelnemer") wordt aangepast.
HOOFDSTUK 9: Inwerkingtreding
Artikel 64 De wet treedt in werking op dezelfde dag als het nieuwe Strafwetboek: 8 april 2026 (met uitzondering van enkele artikelen die gekoppeld zijn aan specifieke wetten).
Samenvatting
Dit wetsontwerp is een enorme "opkuisoperatie". Het zorgt ervoor dat het sociaal strafrecht dezelfde taal spreekt en dezelfde regels volgt als het nieuwe algemene strafrecht (2024). De belangrijkste punten voor de praktijk zijn:
- Hogere nominale boetes (x8 in de wet tekst), maar met een veel lagere opdeciemen-coëfficiënt (x 1,25 in plaats van x 9).
- Verjaringstermijn voor administratieve boetes gaat naar 10 jaar.
- Nieuwe straffen (elektronisch toezicht, werkstraf) worden expliciet opgenomen in het sociaal strafrecht.
- Correcties van fouten in recente wetgeving (o.a. rond sociale dumping en sekswerk).