In de uitspraak van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (van 30 juni 2026) schetst de rechter een gedetailleerd beeld van de algemene, socio-economische en veiligheidssituatie in Afghanistan onder het huidige talibanregime. De belangrijkste bevindingen van de rechter over de toestand in het land zijn als volgt samen te vatten:
Bron: https://www.rvv-cce.be/sites/default/files/arr/a349613.an_.pdf
1. Het regime, sharia en de theocratische politiestaat
- Repressief klimaat: Sinds de machtsovername door de taliban in augustus 2021 is de algemene mensenrechtensituatie gradueel verslechterd. De rechter stelt vast dat de de facto-administratie zich ontwikkelt naar een theocratische politiestaat die regeert in een sfeer van angst en misbruik.
- Invoering van de sharia: De grondwet is opgeschort en de taliban-versie van de sharia is volledig ingevoerd. Dit rechtssysteem is gebaseerd op de conservatieve soennitische Hanafi-school, maar is ook sterk beïnvloed door lokale tribale tradities. Het gezag van de opperste leider Haibatullah Akhundzada is hierbij steeds dwingender geworden.
- Inperking van burgerlijke vrijheden: Politieke partijen zijn verboden, de "civic space" is nagenoeg gesloten en critici of journalisten worden gearresteerd. Er heerst een klimaat van systematische intimidatie en zelfcensuur. Ook de toegang van de VN Speciale Rapporteur tot het land werd in augustus 2024 ontzegd.
- Controle en censuur: Om de morele regels af te dwingen is het 'Ministerie voor de Bevordering van Deugd en de Voorkoming van Ondeugd' (MPVPV) samen met de geheime dienst (GDI) actief. Daarnaast controleren de taliban sociale media en telefoongesprekken (ook met het buitenland) en worden telefoons gecontroleerd bij controleposten. In september 2025 werd zelfs de internettoegang in heel het land tijdelijk afgesloten om "immorele inhoud" te bestrijden.
2. De positie van vrouwen en "genderapartheid"
- Structurele uitsluiting: Vrouwen en meisjes ondervinden een uitzonderlijk zware repressie. Hun toegang tot secundair en universitair onderwijs, werk (inclusief voor VN-organisaties en NGO's) en de publieke ruimte is structureel ontzegd of extreem ingeperkt. Schoonheidssalons moesten sluiten en het openbaar leven is strikt gesegregeerd.
- Sociaal isolement: De wetgeving en decreten hebben geleid tot het institutionaliseren van een genderapartheid.
3. De Moraliteitswet en de herinvoering van lijfstraffen
- Moraliteitswet (31 juli 2024): Deze wet codificeert strikte gedrags- en kledingvoorschriften. Vrouwen moeten hun hele lichaam en gezicht bedekken (bij voorkeur met een burka) en mannen mogen hun baard niet korter scheren dan een bepaalde lengte. Ook zaken als muziek, het niet deelnemen aan gezamenlijke gebeden en vriendschap sluiten met niet-moslims zijn expliciet verboden.
- Lijfstraffen en executies: Sinds de instructie van de opperste leider in november 2022 worden 'hudud'- en 'qisas'-straffen (zoals openbare executies, steniging, amputatie van ledematen en geseling) weer op grote schaal toegepast. De rechter wijst erop dat het aantal geregistreerde openbare lijfstraffen in 2025 is toegenomen ten opzichte van de periode daarvoor, waarbij vaak zeer soepele bewijsstandaarden of ad-hocbeslissingen zonder rechterlijke procedure worden gehanteerd.
4. Socio-economische en humanitaire crisis
- Multimensionale armoede: De socio-economische situatie in Afghanistan is uiterst precair en wordt gekenmerkt door een liquiditeitscrisis, een instortend banksysteem, hoge voedselprijzen en massale werkloosheid. 17 miljoen mensen worden bedreigd door de honger.
- Oorzaken van de crisis: De crisis is het gevolg van een complexe wisselwerking tussen structurele problemen van vóór de machtsovername (zoals droogte), het stopzetten van buitenlandse hulp en sancties na de machtsovername, de Amerikaanse stopzetting van financiering voor humanitaire programma's in april 2025, en de massale instroom van 2,5 miljoen terugkeerders uit Pakistan en Iran in 2025.
- Geen opzettelijke toebrenging: Hoewel de situatie ernstig is, oordeelt de rechter dat de humanitaire crisis en de extreme armoede het gevolg zijn van deze complexe objectieve en multidimensionale factoren. Omdat de armoede niet overwegend voortvloeit uit een opzettelijke handeling of nalatigheid van de taliban, valt deze algemene humanitaire situatie volgens de rechter niet onder de definitie van subsidiaire bescherming.
5. Veiligheidssituatie en willekeurig geweld
- Daling van het conflictgeweld: Sinds augustus 2021 is het niveau van willekeurig geweld en het aantal burgerslachtoffers in Afghanistan significant gedaald vergeleken met de periode van actieve strijd vóór de machtsovername. Ook de conflict-gerelateerde ontheemding binnen het land is nagenoeg gestopt.
- Doelgericht geweld en grensconflicten: Geweldsincidenten zijn tegenwoordig voornamelijk doelgericht van aard (viseren van ex-veiligheidstroepen, oud-overheidsmedewerkers en vermeende verzetsleden). Hoewel er grensconfrontaties en Pakistaanse luchtaanvallen waren in oktober 2025 (wat leidde tot tientallen burgerslachtoffers en duizenden ontheemden in grensdistricten zoals Spin Boldak), werd er op 19 oktober 2025 een tijdelijk staakt-het-vuren afgesloten.
- Geen algemeen risico: De rechter concludeert dat er in Afghanistan geen sprake (meer) is van een uitzonderlijke situatie waarin de mate van willekeurig geweld zo hoog is dat een burger louter door zijn aanwezigheid aldaar een reëel risico loopt op ernstige schade.
6. Behandeling van terugkeerders (uit het Westen)
- Geen systematische vervolging: Hoewel terugkeerders uit Europa vaak argwanend worden bekeken, stigmatisering kunnen ervaren en verdacht kunnen worden van "verwestering" of verlies van islamitische waarden, stelt de rechter vast dat er geen bewijzen zijn van systematische vervolging of intimidatie louter omdat iemand een terugkeerder is.
- Gerichte risicoprofielen: De repressieve focus van de taliban en de GDI ligt specifiek op het opsporen van actieve tegenstanders (zoals leden van het NRF of AFF) of voormalige medewerkers van de veiligheidsdiensten van de vorige republiek. Er is dus geen sprake van groepsvervolging van alle Afghaanse mannen die terugkeren uit Europa.