Bron- advies Raad van State - document op 7 februari 2026 nog niet publiek beschikbaar, wel via Linkedin Prof. M. Maus
Dit advies is zeer kritisch over de juridische kwaliteit en de haalbaarheid van de voorgestelde fiscale hervormingen.
1. Wat is het doel van het ontwerp?
De regering wil, in het kader van een meerjarig begrotingsakkoord, de btw-tarieven "moderniseren" en harmoniseren. Dit houdt concreet een aantal tariefwijzigingen in die vanaf 1 maart 2026 zouden moeten ingaan:
- Pesticiden: Verhoging van 12% naar 21%.
- Logies & Camping: Verhoging van 6% naar 12% voor gemeubelde logies (hotels, Airbnb) en campings.
- Afhaalmaaltijden: Verhoging van 6% naar 12% voor bepaalde bereide maaltijden en voedingsmiddelen (om dit gelijk te trekken met restaurantdiensten).
- Niet-alcoholische dranken (horeca): Verlaging van 21% naar 12% in restaurants en cafés.
- Cultuur & Vermaak: Verhoging van 6% naar 12% voor toegang tot veel inrichtingen, maar met behoud van 6% voor specifieke "hoge" kunsten.
2. De Algemene Kritiek van de Raad van State
De Raad van State toetst het ontwerp aan drie fundamentele juridische principes:
- Fiscale neutraliteit (Europees recht): Soortgelijke goederen of diensten die met elkaar concurreren, moeten hetzelfde btw-tarief hebben.
- Legaliteitsbeginsel: De belastingplichtige moet duidelijk kunnen weten hoeveel hij moet betalen. De wet mag niet vaag zijn.
- Gelijkheidsbeginsel: Verschillen in behandeling moeten objectief en redelijk te verantwoorden zijn.
Op deze punten schiet het ontwerp volgens de Raad op meerdere vlakken tekort.
3. Gedetailleerde bespreking per maatregel
A. De Cultuursector: "Hoge" vs. "Lage" Cultuur?
Het ontwerp wil het tarief voor toegang tot cultuur, sport en vermaak verhogen naar 12%, maar maakt een uitzondering (behoud van 6%) voor specifieke categorieën: (straat)theater, choreografie, circus, opera en klassieke muziek.
De kritiek:
- Willekeur: De Raad begrijpt niet waarom deze specifieke vormen 6% blijven en andere niet. Waarom is een opera (6%) anders dan een musical of popconcert (12%)? Waarom is ballet (6%) anders dan moderne dans (12%)? Voor de gemiddelde consument zijn dit vergelijkbare en concurrerende uitjes.
- Onduidelijke definities: Wat is "circus" en wat is een "goochelshow"? De regering stelde dat een goochelaar in een circus 6% is, maar een losse goochelshow 12%. De Raad vindt dit onderscheid juridisch onhoudbaar en verwarrend.
- Conclusie: Dit onderscheid schendt waarschijnlijk het neutraliteitsbeginsel en moet grondig herbekeken worden.
B. Afhaalmaaltijden en Supermarkten: De "2-dagen regel"
Dit is het meest complexe en kritische deel van het advies. De regering wil afhaalmaaltijden (take-away) belasten aan 12% (net als restaurantdiensten), in plaats van 6% (levering van goederen). Om te bepalen wat een "afhaalmaaltijd" is (die naar 12% gaat) en wat "gewone voeding" is (die op 6% blijft), hanteert het ontwerp twee criteria:
- Het moet "doorgaans" bestemd zijn om onmiddellijk gegeten te worden zonder verdere "bereiding".
- Het heeft een beperkte houdbaarheid van maximaal 2 dagen.
De kritiek:
- Vaagheid troef: Termen als "doorgaans", "op zich", en "volwaardige maaltijd" worden te pas en te onpas gebruikt. Is een zakje snoepkomkommers een maaltijd? Volgens de regering niet (dus 6%). Is een kaasschotel een maaltijd? Alleen als er brood bij zit (aldus de regering), wat de Raad verwarrend vindt.
- Probleem met Supermarkten (de 2-dagen regel): De regering wil ook kant-en-klaar maaltijden in supermarkten zwaarder belasten. Maar door de regel van "maximaal 2 dagen houdbaarheid", vallen de meeste supermarktmaaltijden (die vaak 4 tot 9 dagen houdbaar zijn) er juist buiten en blijven ze op 6%.
- Sushi en Poké Bowls: De regering geeft toe dat sushi en verse salades (korte houdbaarheid) wél naar 12% zouden gaan, terwijl een vacuüm verpakte pasta (langere houdbaarheid) op 6% blijft. De Raad vraagt zich af of dit wel eerlijk is (neutraliteitsbeginsel), aangezien de consument deze producten als inwisselbaar ziet.
- Opwarmen vs. Bereiden: Het onderscheid tussen "opwarmen" (mag bij 12%) en "bakken/koken" (maakt het 6%) is technisch complex. Een pizza die je thuis alleen moet opwarmen vs. een pizza die je nog moet afbakken: voor de consument is het verschil miniem, maar fiscaal zou het anders behandeld worden.
C. Pesticiden vs. Meststoffen
Het tarief voor pesticiden (gewasbescherming) stijgt naar 21%, terwijl chemische meststoffen op 6% blijven.
De kritiek:
- Inconsistent milieubeleid: De regering beroept zich op de "Green Deal" en gezondheid om pesticiden duurder te maken. De Raad merkt echter op dat ook biologische bestrijdingsmiddelen (zoals lieveheersbeestjes) naar 21% gaan, terwijl chemische kunstmest goedkoop blijft (6%). Dit ondermijnt de milieuredenatie.
- Europees recht: Er is (nog) geen Europese verplichting om dit tarief nu al te verhogen (pas in 2032). De Raad vindt de motivering voor dit specifieke onderscheid in België nu te zwak.
D. Dranken in de Horeca
De verlaging van het tarief voor niet-alcoholische dranken in restaurants van 21% naar 12%.
De kritiek:
- Gezondheid? De Raad merkt op dat alcohol wordt uitgesloten (blijft 21%), vermoedelijk om gezondheidsredenen. Maar suikerrijke frisdranken krijgen wél de tariefverlaging naar 12%. De Raad vraagt zich af hoe dit te rijmen valt met gezondheidsdoelstellingen en vraagt om een betere uitleg.
- Voorbeeld Frisdrank: Een flesje frisdrank dat geopend wordt aan een foodtruck is 6% (levering goed). Datzelfde flesje, uitgeschonken in een beker met een schijfje citroen, wordt gezien als een "bereiding" en belast aan 12%. De Raad vindt dit onderscheid ("bereiding" door ijsblokje toevoegen) vergezocht en onduidelijk.
4. Conclusie en Gevolgen
De Raad van State concludeert dat het ontwerp op cruciale punten "grondig moet worden herbekeken".
- Rechtszekerheid in gevaar: De regels zijn zo complex en vaag (vooral rondom voeding en cultuur) dat belastingplichtigen (winkeliers, horeca, theaters) en controleurs niet zullen weten welk tarief geldt.
- Risico op vernietiging: Als het besluit in deze vorm wordt aangenomen, is de kans groot dat het later door het Grondwettelijk Hof of Europese rechters wordt vernietigd wegens discriminatie en schending van de fiscale neutraliteit.
Samengevat: De Raad van State adviseert de regering dringend om terug naar de tekentafel te gaan, met name om de definities rondom "cultuur" en "afhaalmaaltijden" objectiever, duidelijker en eerlijker te maken.